Instructies na het plaatsen van een implantaat of het verwijderen van een tand, kies of wortelrest
U hebt een ingreep in de mond gehad zoals het verwijderen van een tand, kies, wortelrest of de wijsheidstand. Hieronder vindt u alle belangrijke instructies voor een vlot herstel. Lees ze goed door en volg ze zo nauwkeurig mogelijk op.
Direct na de ingreep
Na de behandeling krijgt u een gaasje op de wond. Bijt hier gedurende 30 minuten stevig op om het bloeden te stoppen.
Komt er daarna nog wat bloed of is uw speeksel roze van kleur? Dat is normaal.
Spuug niet en spoel de mond niet tijdens de eerste 24 uur – dit kan een nabloeding veroorzaken.
Verwijder het gaasje na een half uur. Blijft de wond bloeden, leg dan een nieuw gaasje of een propje van een schone zakdoek op de wond en bijt opnieuw stevig dicht gedurende een uur.
Pijn en medicatie
Het is normaal dat u na de ingreep wat pijn voelt. Bij het opvolgen van de adviezen is de pijn meestal goed te onderdrukken.
Begin met pijnstillers vóórdat de verdoving is uitgewerkt (ongeveer 2–4 uur na de ingreep).
De meeste patiënten hebben voldoende aan:
- Paracetamol 1 g tot 4 keer per dag (elke 6 uur).
- Ibuprofen 600 mg tot 3 keer per dag (elke 8 uur).
U mag beide middelen combineren indien nodig.
Gebruik geen aspirine of middelen die aspirine bevatten – deze vergroten de kans op nabloeding.
Soms schrijft de chirurg een antibioticum voor. Neem dit in zoals voorgeschreven en maak de kuur af.
Zwelling en ongemak
Zwelling is normaal en meestal het sterkst op de tweede en derde dag na de ingreep.
Vanaf dag 4 neemt de zwelling langzaam af.
Een ijszak op de wang helpt goed tegen pijn en zwelling. Houd het ijs 10–15 minuten tegen de wang en neem daarna 5 minuten rust. Herhaal dit enkele keren tijdens de eerste uren na de ingreep.
Soms kunt u uw mond tijdelijk wat minder goed openen of voelen de kaakspieren wat stijf aan.
Slaap de eerste twee nachten met het hoofd wat hoger (bijvoorbeeld met een extra kussen).
Vermijd warmte (zon, sauna) en eet de eerste dagen geen warme of harde voeding.
Eten en drinken
Wacht met eten tot de verdoving volledig is uitgewerkt. Zo voorkomt u dat u per ongeluk op de lip, tong of wang bijt of zich verbrandt aan een warme drank.
De eerste 2 à 3 dagen:
- Eet zachtere voeding, zoals soep, puree, yoghurt of appelmoes.
- Vermijd harde, pittige of kruimelige gerechten.
- Kauw zo min mogelijk aan de kant van de wond.
- Drink voldoende water, maar gebruik geen rietje – zuigbewegingen kunnen de wond opnieuw doen bloeden.
Mondhygiëne
Een goede mondhygiëne is belangrijk om infecties te voorkomen.
De eerste 24 uur: niet spoelen – dit vergroot de kans op nabloeding.
Na de eerste 24 uur:
- Spoel twee keer per dag met het voorgeschreven spoelmiddel (meestal Perio-Aid of Chloorhexidine 0,12%).
- Soms is het beter om met fysiologisch zout (NaCl 0,9%) te spoelen.
- Blijf uw tanden twee keer per dag poetsen, maar wees voorzichtig rond de wond. Gebruik eventueel een zachte (kinder)tandenborstel.
Rook niet en drink geen alcohol gedurende minstens 3 dagen, bij voorkeur 1 week. Dit vertraagt de genezing.
Hebt u een spoelspuitje meegekregen (na verwijdering van een wijsheidstand in de onderkaak)? Gebruik dit dan pas vanaf dag 5 om het wondje na de maaltijd (drie keer per dag) voorzichtig schoon te spoelen met lauw water.
Hechtingen
De hechtingen lossen vanzelf op binnen twee weken.
Soms worden hechtingen gebruikt die niet vanzelf verdwijnen. In dat geval krijgt u een afspraak om ze te laten verwijderen.
Een trekkend of strak gevoel in de wang is normaal en verdwijnt vanzelf.
Rust en herstel
Neem de eerste 2 à 3 dagen voldoende rust.
Vermijd zwaar tillen, bukken, persen en sporten.
U mag meestal de volgende dag lichte activiteiten hervatten, maar luister goed naar uw lichaam.
Rijd alleen auto als u zich goed voelt en niet suf bent.
Wanneer contact opnemen?
Bel ons als u:
- een bloeding hebt die niet stopt na 30–60 minuten druk op een gaasje;
- toenemende zwelling of pijn krijgt na 4 dagen;
- koorts hebt boven 38,5 °C;
- na een week nog een doof of tintelend gevoel in lip of kin ervaart dat niet vermindert;
- moeite hebt met slikken of het openen van de mond;
- of ongerust bent over iets wat u opmerkt.